Het fair-playbeginsel in het bestuursrecht (ABRS 'Drimmelen')
Door : Michiel de Groote
Datum : 19.02.2022 13:10:50

HET FAIR-PLAYBEGINSEL IN HET BESTUURSRECHT (ABRS ‘Drimmelen’)
In de winter van 2022 regent het rechtspraak over algemene beginselen van behoorlijk bestuur. Na het Hoge Raad-arrest ‘Didam’ (schending gelijkheidsbeginsel) en de uitspraak van de Raad van State inzake ‘Harderwijk’ (invulling evenredigheidsbeginsel) zagen we op 16 februari 2022 een geslaagd beroep op het fair-playbeginsel.

Ondergeschoven kindje
Dit geslaagde beroep op het beginsel van fair play is interessant, want tot nog toe speelde dat beginsel geen grote rol in het bestuursrecht. Een vernietiging van een besluit of een onrechtmatige overheidsdaad werd vaak opgehangen aan andere beginselen. Ik noem bijvoorbeeld het zorgvuldigheidsbeginsel (verg. ECLI:NL:RBDHA:2015:15812 over een buurtcentrum in Stolwijk en ECLI:NL:RBAMS:2013:5591 over het Amsterdamse muziekcentrum MuzyQ). Al genoemd zijn het gelijkheidsbeginsel en het evenredigheidsbeginsel. Verder mag niet onvermeld blijven het vertrouwensbeginsel, dat na de rechtszaak over het ten onrechte gehandhaafde Amsterdamse dakterras een prominente rol heeft gekregen. Het fair-playbeginsel is tot voor kort echter een beetje een ondergeschoven kindje gebleven.

Wat is het beginsel van fair play precies?
In haar bijdrage in het boek ‘25 jaar Awb’ uit 2019 gaat De Moor-Van Vugt in op het beginsel (‘Fair play – een vergeten beginsel’, pag. 393-403). Onder verwijzing naar G. Wiarda geeft zij aan dat het bij fair play gaat om bestuursfatsoen ofwel om eerlijkheid, openheid en royaliteit. De overheid mag de rechtszoekende niet tegenwerken waar het gaat om het kunnen benutten van procedurele kansen. Ook moet de overheid grootmoedig zijn als een burger de dupe wordt van ongelukkig overheidshandelen.     

Wat ging er fout in de rechtszaak van 16 februari jl. (‘Drimmelen’)?
Het ging om het beoordelen van aanvragen van zonneparken in de gemeente Drimmelen. Uiteindelijk heeft Zonnepark De Bergen als enige een vergunning gekregen, omdat haar aanvraag het beste zou passen bij de beleidscriteria. In wezen oordelen rechtbank en nu dus ook de Raad van State, dat de aanvragen op verschillende manieren zijn beoordeeld (zie onder meer r.o. 8.3). Niet aan alle beleidscriteria is even duidelijk of even uitvoerig getoetst en het lijkt erop alsof het park De Bergen is bevoordeeld. Er is dus terecht vernietigd en wel vanwege strijd met het beginsel van fair play.
Vanaf nu zullen we waarschijnlijk wel wat vaker over dit beginsel gaan horen. We volgen het op de voet.

Michiel de Groote, juridisch adviseur/docent, 06-28501030, info@waterschapsland.nl